“Het heelal is oneindig”.

Met die uitspraak kun je het eens zijn of oneens. Het mag in elk geval duidelijk zijn dat zowel de uitspraak als de ontkrachting ervan beide verschrikkelijk moeilijk te verteren zijn. Wij willen als mens zijnde nou eenmaal overal een antwoord op hebben.
Maar waarom eigenlijk?

Het mag duidelijk zijn dat wij mensen er moeite mee hebben zomaar voor lief te nemen dat iets oneindig is. Behalve natuurlijk het saldo op onze bankrekening. Dat mag best oneindig zijn, zolang het dan maar geen roodstand is.
Wij strijden voortdurend tegen het lemniscaat.

Knikkeren in de leegte.

Weet jij wat er zit achter al die planeten en sterren? Ja natuurlijk weet je dat.
Meer sterren en planeten natuurlijk. Maar wat zit daar dan weer achter? En daar achter? Kom ik weer op deze plek in de ruimte terug als ik enkel maar in één richting doorvlieg? En zo niet, wat dan? Wat treffen we dan aan? Meer sterren en gaswolken? Zwarte gaten en nog meer leegte?
Of zit het hele heelal gevangen in één immense knikker die bij een één of andere bescheiden reus in zijn knikkerzak zit? En als dat het geval is: in wat voor land, wereld en heelal zit hij dan en hoe ver loopt zijn heelal door?
Ik hoop in elk geval maar dat die vent niet echt gaat zitten knikkeren dan.

We snappen er niets van. En dat zullen we ook nooit snappen.
Maar accepteren kunnen we dat maar heel moeilijk. Theorieën zullen er genoeg zijn, maar echte verklaringen nooit.
Raar is dat toch eigenlijk.

Oneindig afschaffen.

We spreken nu het volgende af:

Eindig moet alles zijn.
Vanaf nu houdt het hoogste getal dat we kennen op bij één googol. Het getal van Graham schaffen we af. Dat begrijpt toch geen mens. Google daar maar eens op. Dan kom je hier uit.
God krijgt een leeftijd en gaat over googol jaar dood vanaf het moment dat hij begon te scheppen.
Alles en iedereen is sterfelijk.

Absoluut oneindig is niets meer.
We gaan theorieën verzinnen die zogenaamde oneindige combinatiemogelijkheden de kop indrukken. Zo mogen er bijvoorbeeld geen combinaties meer voorkomen wanneer het aantal googol dreigt te worden overstegen.

Herdefinitie van ‘eeuwige leven’.

Het eeuwige leven zoals we deze zouden moeten beleven na de dood, in Hel of Hemel, houdt op na één hele eeuw. Waarom noemen we het anders het ‘eeuwige leven’?
Zie het maar als een tweede kans die goed of slecht kan uitpakken.

De mens en al het andere leven op Aarde gaat een keer dood. Tot stof zullen we wederkeren en dat stof wordt door de wind weggeblazen. Er komt een moment dat de wind ophoudt met waaien.
Dit doet het al als de Aarde ophoudt met bestaan en wellicht al eerder. De zon dooft uit, maar dat wisten we al. Ons zonnestelsel implodeert tot een zwart gat.

Op de lange duur ziet God er ook geen gat meer in.
Hij doet zijn lichtje uit en gaat slapen.
Op een goed moment is er niets meer.

Is dat dan het oneindige niets?

image by Peter Visser, edited by Gsorsnoi 

Bedrijfsnaam:
Pepernoten op laag water BV.

Locatie/Standplaats:
Marianentrog.

Salaris:
ZB 111,- inclusief duikuitrusting.

Bedrijfsachtergrond:
Aangezien het wetsvoorstel van Obama om het zorgstelsel te hervormen nu is goedgekeurd, zal het spoedig tennisballen regenen in Deventer. Deze tennisballenregen belemmert de paddentrek nog verder dan de asfaltjungle dit al deed, waardoor er meer padden geraapt moeten worden.
Van padden rapen worden je handen vies. Vieze handen moet je wassen. Wat resulteert in natte handen. Natte handen droog je af met een handdoek. Alleen bepleitte Geert Wilders eerder dat theedoeken niet langer als alternatief mogen worden gekozen om je handen mee te drogen waardoor men bij gebrek aan handdoeken met natte handen blijft zitten.
Op die manier kom je tot de conclusie dat niet alle markeerstiften blauw zijn van kleur. En daarom maakt ‘lijpe shit’ de meeste kans het woord van 2010 te worden.

Sinterklaas houdt niet zo van deze ‘lijpe shit’ en strijdt voor het behoud van de ‘leipe poep’.
Wat niemand zal verbazen kookt om die reden nu het bloed van Sinterklaas tot hij rood ziet en is zijn mijter door de stoomontwikkeling de lucht in geschoten.

Een welke – je raadt het al – terecht is gekomen in …
… de Marianentrog.

Functieomschrijving:
Jouw taak is natuurlijk het opduiken van deze magische mijter.

Functie-eisen:
Je dient te beschikken over een flink verzameling mandarijnenspinnetjes en het is handig als je ervaring hebt met het op sterk water zetten van enig luguber materiaal.

Dienstverband:
Alleen zolang de Marianentrog niet op een exacte diepte wordt geschat van precies 11 kilometer, de Titanic in die trog wordt teruggevonden of de mijter.

Solliciteren:
Interesse in deze functie? Reageer direct en stuur je motivatie inclusief CV naar werving@wsnoi.com of kijk op onze website: http://wsnoi.com/tn/

Wat is mijn Zbersibarnensalaris in euro’s?
ZB 111,- was op peildatum 1 mei 2009 E 1.378,50.
Door de kredietellende zal dit 1 mei van dit jaar vast niet veel meer zijn dan E 1.336,44, waarmee de koers verder terugzakt naar 12,04.

( geïnspireerd op de vraag: “Waarom zijn brandweerauto’s rood?” )

image by risastla, edited by Gsorsnoi 

Hoe vreselijk is dit alles!

Zie mij hier nu gaan op mijn fietsje, onderweg naar het volgende slachtoffer. Een onschuldig individu, die het toevallig heeft getroffen naam te maken in Nederland, ligt nu nietsvermoedend in bed tot ik mijn slag zal slaan. Aangespoord door het woord van meneer de Graaf. Die vreselijke man die mij heeft gemaakt tot wie ik ben.

Dadelijk sluip ik bij deze persoon naar binnen om – als ik mijn werk goed doe – de carrière van deze persoon voorgoed de das om te draaien. Ik kruip op de buik en in de navel om datgene weg te nemen wat het persoon groot heeft gemaakt. En dan zou ik eigenlijk zoveel moeten wegnemen dat het slachtoffer eraan bezwijkt. Maar dat kan ik niet over mijn hart verkrijgen. Iets waar ik nog elke dag straf voor krijg. Meneer de Graaf heeft natuurlijk wel over zijn instrument voor deze methode nagedacht. Kijk maar naar mij. Wat ben ik nou eenmaal? Een kleine pad. Zo één in een dozijn maal een dozijn padden die jaarlijks in een paddentrek de weg oversteekt. Ik ben klein en flexibel genoeg om mij in het zo onamfibische orgaan als de menselijk navel te wurmen. Of is dat niet toch een beetje raar?

Ik wil dit zelf helemaal niet. Dus waarom ben ik het die deze duistere taak toegewezen heeft gekregen? Had hij niet een andere pad kunnen oprapen van de weg om via zijn experimenten te worden tot wat ik ben? Dan was ik liever overreden door zo’n blikken mobiel. En waarom kan ik wat ik kan? Een pad is toch niet gemaakt om in navels van mensen te kruipen? Het enige wat ik mij herinner is dat ik toen ontkwaakte uit die glazen bol en ineens kon wat ik nu kan.

Nu heeft hij mij gestuurd naar deze onzedige missie. Een missie die grote gevolgen zal hebben voor het Nederlandse regeringsstelsel. Eentje die misschien wel een hoop stemmen zal doen op gaan, mogelijk in de verkeerde richting. Mensen zullen dadelijk met hoofdpijn het rode potlood hanteren. Ze zullen moeten nadenken welk hoofd zij ditmaal moeten gaan kiezen. Slechts weinigen van de bekende politici zullen overblijven door de acties die ik deze nacht ten uitvoer zal brengen.

Het is mij al eerder gelukt om Kieviten Denken Blaba ten val te brengen. Het vierde kabinet van Pandabeer Kenneltje. Sommige mensen zien in Wou Sorbet’s partijopvattingen over de missie Uruzgan misschien een carrièrehoogtepunt voor deze politicus. De één ziet hem als een held. De ander tekent hem af als de grootste schande van deze kabinetsperiode. Ik was het in elk geval die hem ertoe heeft aangezet alles op het spel te zetten. Onder het mom van ‘ik wil meer tijd in mijn gezin steken’ trad hij af. Hoe kon hij ook anders? Gas Tanken en Cruesli Gemalin zouden spoedig volgen.

Het is nu mijn taak om het Mistsein in Draaiboek verder te ontbinden. De enige die er wel bij varen zijn mijn Graaf en die verschrikkelijk Der Witregels. En dan vooral die laatste. Simone is in Irakdebat komt hem wel goed uit. Zijn succes wordt aangesterkt door deze Opgeknapte Sprot. Hij was toch al bijzonder begaafd met het tot zich trekken van een hoop aandacht. Nu met deze situatie waarin het kabinet verkeert, zal hem dat zeker geen windeieren leggen.

Eerder heb ik getracht om ook zijn levenssappen te ontnemen. En oh, wat was ik daar graag in geslaagd. Ik zou voor het eerst mijn meester hebben kunnen verblijden met een slachtoffer dat niet meer zou opstaan. Hij zou mij zijn lof hebben gegeven voor het tot een succes brengen van een slurping. Voor het eerst zou hij trots op mij zijn geweest.

Maar ik faalde. Of eigenlijk faalde meneer de Graaf zelf. De methode was niet sluitend. Der Witregels won het van mij. De trance waarin het slachtoffer had moeten geraken door mijn navelkruiperij kwam niet tot stand. Der Witregels was gewoon werkelijk te sterk en te zwart van binnen om mij mijn gang te kunnen laten gaan. Deze man zit zo vol haat en koestert zo’n slechte wil tegenover de doelen in zijn politieke agenda, dat ik hem zijn successen niet heb kunnen afpakken.

In plaats daarvan heb ik het in hem losgemaakt.

Wordt vervolgd.

Vorig hoofdstuk: Pervers Kind
Volgend hoofdstuk: Twee Kwaden

By karelriemelneel | March 13, 2010 - 8:59 pm - Posted in Duimzuigerij, Nederlands, Uit het dagboek van een programmeur

image by silentfuzions, edited by Gsorsnoi

Dit gaat niet over leren strings, maar wat ik je over strings wil leren.

Het mogen dan misschien niet de eerste mensen zijn waarvan je dit zou verwachten, maar het zijn wel met name de programmeurs die dagelijks in strings zitten te werken. En ik kan het weten. Ik ben er zelf ook één.
Naast dat rare touwtje dat de suggestie moet wekken dat je ondergoed draagt, betekent ‘string’ in het Engels namelijk ook “een reeks lekkers”. Euh… sorry, ik bedoelde natuurlijk “een reeks leTTers”!

Strings hebben diverse functies en eigenschappen.
Je kunt …

  • een nieuwe string opbouwen.
    Ja, zelfs die veter is een keer door iemand gemaakt.
  • het formaat bepalen van een string.
    “Welke maat zoek je?”
  • een rij strings vinden (array).
    Kledingrekje.
  • een positie vinden van een string.
    “Hè, deze zit helemaal niet lekker”.
  • een string uitbreiden.
    Knak!
  • een string laten vallen.
    “Oeps!”
  • een string oppakken.
    “Ja sorry, die is van mij!”
  • een string verlaten.
    “En nu wij.”
  • of achter laten.
    Als aandenken.
  • een string verzenden.
    Vurige correspondentie!
  • een string ontvangen.
    “Nee m-mam, ik k-kan mijn post zelf wel open maken.”
  • een string kwijt zijn.
    Ga ik toch gewoon zonder naar mijn werk?
  • een string zoeken.
    “Draagt ze er nou wel of niet eentje?”
  • een string terugvinden.
    “Dat wordt dan 270 euro exclusief voorrij kosten voor het vervangen van een wasmachinepomp.”
  • een deel van een string zoeken.
    “Zo’n waslabel zou toch moeten opvallen op zo’n minuscuul stukje stof?”
  • strings koppelen.
    Alternatieve vluchtpoging bij gebrek aan lakens.
  • een string doorgeven.
    “Hè gatver!”
  • een string verplaatsen.
    “Zo’n touwtje in je bilnaad zit toch niet zo fijn hoor!”
  • een string in een string vinden.
    “Ah! Daar was je dus!”
  • strings samenvoegen.
    Mocht je nog in de groei zijn, dan plak je ze gewoon aan elkaar.
  • een string teruggeven.
    “Ze lijken zo op elkaar hè?”
  • een string opdelen.
    Kinky snoepondergoed.
  • een string hergebruiken.
    Nee, dan toch liever zonder naar mijn werk.
  • een string vervangen (functie ‘reverse string’!)
    Deze week de gele kant, volgende week de bruine.
  • een string vervangen.
    Dat dan liever!
  • op zoek gaan naar een space in je string.
    Scheten laten kan tot ongewenste gevolgen leiden.
  • een string deleten.
    De rek is er uit.

Zoals je ziet kun je echt een hele hoop met strings. Ze zijn alleen nooit even betrouwbaar. Een string is namelijk nooit integer. En of je nu een lange of een korte string hebt, een vaste of een variabele, je kunt er in elk geval erg mee lachen!

Nog een paar leuke uitspraken over strings:

“Ik heb nu een nieuwe string”
“Ik kan hem die string niet meegeven”
“Hij pakt gewoon die string”
“Mijn string is niet meer zichtbaar”
“Ik ben mijn string kwijt”
“Ik zag een string voorbij komen”  – [update: 26 april 2010]

… en veel veel meer …

Geloof het of niet, maar dit soort uitspraken hoor je bij mij op het werk dus IEDERE DAG!

Inmiddels is er ook een Deel 2 verschenen in deze string-verzameling. Die vind je hier.

By rinaoddel | March 11, 2010 - 1:20 pm - Posted in Duimzuigerij, Nederlands, Tycoon Newspaper Archieven

image by Phim Anh, edited by Gsorsnoi

Gisteren rond de klok van vier kantelde een driewielig voertuig vlak voor het knooppunt Rotterpolderplein. Even daarvoor werd hij ingehaald door een Mini. De bestuurder meende in de Mini een man te hebben gezien die vanachter zijn stuur deed alsof hij een teddybeer de omgeving liet zien.
Het incident leverde onze asfaltjungle een file op van vijftien kilometer. ‘s Avonds na elven werd de weg weer vrijgegeven i.v.m. een door de gekantelde driewieler veroorzaakte kettingbotsing. Of kwam het nou door die teddybeer?

Uitgesproken door: Jos Werner, fractievoorzitter CDA.

Datum: Maandag 8 maart 2010

Mocht hij zijn baan ook kwijtraken, dan heeft WSNOI  nog wel even een vacature voor het onbestaande beroep ‘make-up hersenchirurg’ voor hem.

By gsorsnoi | March 8, 2010 - 8:38 pm - Posted in Duimzuigerij, Nederlands

image by A.M. Kuchling, edited by Gsorsnoi 

“Who the fuck is Jeff Wayne?” zul je nu misschien wel denken.

Als je dat nu denkt dan heb je voor de rest van vandaag een kutdag, want ik ben niet van plan te verklappen wie Jeff Wayne is. Voor alle mensen die tussen 1978 en heden niet onder een steen hebben geleefd of niet te beroerd zijn geweest om de Wikipedia er even op na te slaan zullen inmiddels hun moment van euforie hebben beleefd.
Vervolgens zul je mij de vraag stellen wie ik wel niet denk dat ik ben na mijzelf te hebben willen voorstellen als deze bekende man. Welk lef heb ik om mij in te beelden zomaar met zijn naam te kunnen rondlopen?

Het is een spel wat Doubleyou en ik in het verleden veel hebben gebezigd.
Elke dag was ik iemand anders. En hij ook.

Het getuigde letterlijk van mensenkennis elke dag maar weer te kunnen herkennen wie de zogenaamde bekende vreemdeling was. Niet alleen voor degene die de naam moest herkennen, maar ook voor wie een originele naam wist te verzinnen. Zo schudden we elkaar iedere maal dat we elkaar zagen de handen en stelden ons voor als een andere bekend individu.
Dat wil zeggen: hopelijk bekend voor jezelf en de rest van de wereld, maar niet voor degene aan wie we de hand gaven.

Zo koos Doubleyou een naam en gaf mij, zich voorstellende onder die naam, de hand. We hoopte dan dat de ander de naam niet kende, of dat er in elk geval een humoristische associatie mee te maken was.
“Hoi, mijn naam is Tina Turner”. Mocht je nu www.wikipedia.org aan het intypen zijn in je webbrowser dan moet je daarna ook maar eens Googelen op ‘hunnebed’ en ‘Amish’.

Hoedanook, wil jij er voor zorgen dat jij en degene die je de hand schud de dag scherp begint, stel je dan eens voor onder een ‘zogenaamde’ bekendheid en verbaas je eens over de reacties die je daarmee uitlokt.

Met vriendelijke groet,

Gsorsn … euh … Jeff natuurlijk.

Op één nacht besloot ik mijn kleine padje te volgen en wachtte op het moment dat hij zijn bedje uit zou komen. Dat moment was daar. Zoals ik al had voorzien pakte hij zijn fietsje en weg was hij. Ik zette direct de achtervolging in met mijn eigen fiets en kwam al snel tot de conclusie dat ik er flink aan moest trekken om hem bij te houden. Mijn stalen ros maakte overuren. Had ik de auto maar gepakt. Als een bezetene trapte hij op zijn fietsje en fietste ver van huis. Met mij op sleeptouw trokken we het halve land door en wist ik op een ogenblik haast niet meer waar we waren beland. Dat terwijl hij geen licht op z’n fiets had en ik wel.

Na enkele uren kwamen we ergens aan tussen het midden en nowhere. Het was koud, ik had werkelijk geen idee waar we waren en was helemaal kapot. Mijn fiets verstopte ik achter een boom en keek wat mijn padje zou doen. Geheel in trance hupte mijn padje van zijn fietsje en sloop naar het dichtstbijzijnde huis. Er was geen tijd om te treuzelen. Ik volgde hem op de voet. Daarbij deed ik mijn uiterste best hem niet uit het oog te verliezen. Dat moest ik wel natuurlijk. Hoe zou ik anders zelf nog thuis komen? Ik hoopte maar dat hij de weg terug nog wist.

Anders dan hoe mijn padje via het toiletraampje naar binnen wist te klimmen, moest ik een andere manier vinden om te kunnen volgen wat er in dat huis stond te gebeuren. Om daarbij niet al te veel op te vallen sloop ik rechts langs het huis en trachtte glurend door de ramen te volgen wat er binnen gebeurde. Dit viel me niet mee en ik was mijn pad al snel kwijt. Hoe kon ik nu weten waar hij zich in het huis bevond? Ik hing hier maar wat aan de gevel waarbij mijn zicht werd geblokkeerd door een grote verzameling bakstenen. Het kwam op geluk aan of ik mijn pad toevallig door de ramen in een van de kamers zou zien huppen. Die mazzel kwam gelukkig. In de woonkamer zag ik hoe hij al huppend de trap opklom en naar de bovenetage bewoog. Ik hupte in de eerste de beste regenpijp en klom langs de gevel omhoog. Daarna raakte ik hem al gauw weer uit het oog. Hij kon nog steeds in alle kamers van die bovenetage binnengedrongen zijn. Dus kon ik wel precies aan de andere kant van het gebouw voor Spiderman aan het spelen zijn dan waar de ondeugende kwaker aan het inbreken was.

De nadering ontknoopte op het moment dat ik turend door een raam van één van de slaapkamers toevallig gadesloeg wat voor vunzige pad ik in huis had gehaald. De kwaker was juist de slaapkamer binnen getreden waar een bewoner lag te ronken. Herstel: bewoonster.

“Wat is dit nou?” Dacht ik. Dat mens wat daar in bed ligt ken ik! En niet ik alleen. Half Nederland zou haar zo herkennen. Dat wil zeggen: iedere Nederlander die destijds op werkdagen vanaf acht uur niets beters met zijn tijd wist te doen toen zij nog op TV was. Mijn vunzige kleine padje sloop dus blijkbaar ’s nachts bij bekende Nederlanders naar binnen, maar waarom? En bleef dit alleen bij jonge dames? Of vielen er ook oudere dames of wellicht ook mannelijke BN’ers ten prooi aan deze groenbruine vuns?

Die kleine viezerik, zo dacht ik, kroop op het bed en op het lichaam van deze jonge dame.
“Ik wist het!” dacht ik nog.
“Nu zal het gebeuren. En ik moet iets doen om het te stoppen.”
In lijn met mijn verwachting kroop hij onder haar negligé waar ik overtuigd was dat hij een eigen betekenis zou gaan geven aan wat padden met padden doen. Nu moest ik in actie komen, anders zou het vlug te laat zijn geweest.
Gepaard van de nodige onhandigheid trok ik mijzelf hoger naast een kozijn en wilde ik bekijken of ik een mogelijkheid zag om binnen te komen. Echter net dat ik tot de conclusie moest komen dat dit wel moeilijk zou worden, stokte mijn adem. Want op het moment dat ik iets wilde gaan ondernemen zag ik tot mijn grote schik hoe mijn kleine padje op haar buik klom en er gewoon in verdween. Recht op de plek waar haar navel zat verdween de bult in de stof van haar negligé die daar eerder door hem werd gevormd.

Laat in die ochtend heb ik nog als een Tom Boonen aan mijn stuur moeten harken om de laatste paar kilometers voor de pad uit te fietsen en eerder thuis te zijn dan hij. Nog hijgende van de inspannende fietstocht deed ik voor hem de deur open en trok hem naar binnen.
“Zo mannetje. Jij hebt mij wat uit te leggen. Waar ben jij geweest?” Krokodillentranen begonnen zich langzaam te vormen op zijn wangetjes.
“Nou meneertje? Zeg het maar.” Het groen trok uit zijn gezicht en antwoordde:
“Anneke van Jeuking.”
“Niets van waar. Zo heette ze niet. Wie was zij?” Ik had allang door dat dit geen hele leugen was, maar zijn manier om de waarheid te verdoezelen.
De pad twijfelde, maar zei uiteindelijk bijna ratelend:
“Vijg Aaneen Nukken, Nekkuiven Najagen, Genaak Kneu Venijn, Keniaan Junk Geven, Geen Juk Aanvinken, Javanen Ukken Gein, Ingenu Kajak Neven…” Ik moest hem de mond snoeren om te voorkomen dat er nog meer van dit soort rare en nare onzinwoorden zouden volgen. De kreten die hij hanteerde werden hoe langer hoe vunziger. Kreten waar werkelijk bizarre en smerige associaties mee te maken zouden zijn. Toch zat er wel degelijk een logica in dit gebrabbel. Een bekentenis die ik uit hem los zou trekken zou een hoop verklaren.

Wordt vervolgd.

Vorig hoofdstuk: Fietsie foetsie
Volgend hoofdstuk: Der Witregels

By karelriemelneel | February 22, 2010 - 7:03 pm - Posted in Nederlands, Scherpe Blik

Mocht je nu gaan roepen: “Ja, die ben ik laatst kwijtgeraakt”, dan gaat er een stem in mij op die je vraagt of je al van de bank komt voor twee euro? Maar eerlijk is eerlijk: ook vijf cent is het begin van een potentieel miljoen. Of was het toch een dubbeltje?
De rijkste eend ter wereld is ook zo begonnen.

In de afgelopen week is het mij twee keer overkomen: ik vond zo waar twee maal twee euro. De eerste maal bij de buurtsuper om de hoek. De tweede maal vergezeld van een stuiver bij ons achter in de steeg.
Eerlijke crimineel dat ik ben, heb ik ze in eigen zak gestoken.

Nu hoor ik je vragen: “Waarom val je ons er dan mee lastig als je de buit toch al zelf hebt toegeëigend?”
Eigenlijk doe ik je alleen maar een plezier. Nu de dooi in Nederland hier en daar de kop weer opsteekt, is het tijd om naar muntjes te zoeken. De kans is groot dat je nu juist geld vindt. In de sneeuw hoor je muntjes namelijk minder makkelijk vallen dan wanneer die witte rotzooi er niet is. Daarbij raakt het ook nog eens verstopt omdat het door de sneeuw heen valt. Op die manier blijft verloren geld gemakkelijk langer liggen.

Dus voor de echte geldwolven onder ons: het is nu een gouden tijd voor mensen die onder de vijf euro ook door de knietjes gaan.

By gsorsnoi | February 21, 2010 - 11:44 am - Posted in Nederlands, Scherpe Blik

Val jij graag op of blijf je liever een beetje op de achtergrond?

Het zal een vraag zijn waarmee bewust of onbewust ieder mens wel eens worstelt. In de puberteit ben je daar misschien wel het meest mee bezig (geweest).

Allemaal een tepel.

Wanneer je net uit je ei komt wil je vast in de groep mee komen. Het laatste wat namelijk je wilt is aandacht te kort komen. En laten we eerlijk wezen, je wilt ook dat jouw mondje gevoed wordt, toch?
Het gaat hier puur om ons instinct. Kom je als kitten niet aan de tepel ,omdat je te zwak blijkt om voor die plek te vechten, dan wordt je vanzelf afgestoten. Je hebt dus een goede motivatie om voor jezelf op te komen en te laten zien dat jij er bent.
Dat principe werkt ook door in ons geciviliseerd bestaan.

Mode-hyena’s.

Eenmaal in de pubertijd zie je dat mensen nog een tikje extremer willen opvallen dan toen ze net uit de luiers werden getild. Er is altijd wel een rage aan de gang waarbij ‘iedereen’ één pluk haar rood verft. Of je moet vooral doen alsof je die ene band leuk vindt, want ‘iedereen’ vindt die gasten zo cool.
Oh nee, ‘cool’ is alweer uit. Je moet tegenwoordig ‘vet chill’ zeggen.
Zo ontstaat er vanzelf  een groep mode-hyena’s die de dienst uitmaken. Ze onderwerpen iedereen die ‘er bij’ wil horen aan hun eisen. De rest is per definitie uitschot of een andere aparte clan waar ze niets van willen weten.

Dus wat doe je?
De keuze ligt op zo’n moment natuurlijk geheel bij jezelf.
Soms kan de mode ook betekenen: doe je gewoon, dan doe je al gek genoeg.

Zwarte tijd.

Hoe het ook zij, aan het einde van de eerste twintig levensjaren houdt de voornaamste piek van ‘willen opvallen’ wel een beetje op. Gothics besluiten in plaats van twintig armbanden, drie tepelpiercings, zwarte lippenstift, zware zwarte andere make-up en wijde (zwarte) kleding met schreeuwende opdrukken langzaam over te schakelen naar … even adem halen … tien armbanden, twee tepelpiercings, wat minder zware make-up – maar nog steeds foeilelijk – en wat minder alternatieve (maar nog steeds zwarte) kleding te dragen waarop niet langer verwensingen naar de schepper van hemel en aarde worden geuit.
Voor elke andere jeugdige volkstam kan hiervoor natuurlijk een eigen versie worden gelezen.
De schreeuw om aandacht vlakt af naar mate de puberteit verder achter je ligt.

In het oog springen.

Op een goede dag loop je in een supermarkt, sta je in een apotheek of in een rij voor het NS-loket. Je kijkt om je heen en zie die goedgeklede hunk of die knappe dame in hare rode jurk. De rest van de wereld lijkt plotseling te vervagen zodat jouw aandacht op dat moment alleen nog maar op hem of haar is gevestigd.
Het hoeft natuurlijk helemaal niet direct een Brad Pitt-kloon te zijn of zijn lieftallige(?) Mrs Smith die je met een sensuele blik in de zevende hemel brengt. Elk individu die zich zo op zijn of haar eigen wijze kan onderscheiden van de rest van het publiek is een potentiële blikvanger.

Sommige mensen hoeven er echt maar heel weinig voor te doen om op te vallen. Je hoeft er zelfs niet bijster knap voor te zijn. Het helpt al als je erg lang bent of bijzonder dik. En erg magere mensen springen natuurlijk ook in het oog. Toch zie je extreem kleine mensen eenvoudig over het hoofd. Gek is dat eigenlijk.
Het gaat ze in elk geval een stuk lastiger af om je in het oog te springen.

Opvallen en wat je er voor wilt doen om op te vallen kan dus voor- en nadelen hebben.
Enkele mensen hebben nou eenmaal de eigenschap langer op een netvlies te blijven steken dan anderen.
Nu je inmiddels weet dat ik de eigenschap heb om moeilijk gezichten te kunnen vergeten (zie artikel “Met een goede tekenaar kun je niet rekenen“), weet je ook dat het inmiddels aardig druk is in mijn hoofd.